| De larven
leven (waarschijnlijk van micro-organismen) in allerlei rottend organisch
materiaal. Ze zijn te vinden in uitwerpselen, mesthopen, bladafval,
aanspoelsel, paddestoelen en zwammen, rottend plantenmateriaal, in
grotten, in nesten en andere verblijfplaatsen van dieren. De adulten zijn
slechte vliegers en er zijn relatief veel soorten die in grotten leven of
in holen van dieren of leven in de omgeving van stallen.
De familie ken eveneens een hoog percentage
kort en ongevleugelde soorten.
Nartshuk 1989h (former USSR); Pitkin
1988 (British Isles); CMPD: Rohácek 1998c; CAT: Rohácek et al. 2002; CAT:
Papp 1984i.
|
The
larvae live in a wide range of rotting organic materials an presumably
feed on micro-organisms. They can be found in dung, manure dumps, leaf
litter, organic matter washed up on the shore, mushrooms, bracket fungi,
rotting vegetable matter, in caves, nests and other places inhabited by
animals. The adults are mediocre fliers. They can be found on decaying
matter of plant and animal origin, preferably in damp habitats; relatively
many species live in caves or animal burrows and are also often found near
stables.
The family shows a high percentage of
species with reduced wings, or no wings at all.
Nartshuk 1989h (former USSR); Pitkin
1988 (British Isles); CMPD: Rohácek 1998c; CAT: Rohácek et al. 2002; CAT:
Papp 1984i.
|